NVVC adviseert cardiologen hoe om te gaan met verhoogd stollingsrisico oplosbare stents

31 March 2017

Patiënten bij wie een oplosbare stent is geplaatst in een kransslagader van het hart hebben drie keer meer kans op acute stolselvorming in de stent dan patiënten bij wie gebruik is gemaakt van een metalen stent. Dit is gebleken uit onderzoek uitgevoerd door de afdeling cardiologie van het Academisch Medisch Centrum (AMC) te Amsterdam. 

Naar aanleiding hiervan heeft de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC) een advies gegeven aan alle cardiologen in Nederland. Patiënten die in de afgelopen 18 maanden bij de dotterbehandeling een oplosbare stent hebben gekregen, moeten door hun cardioloog worden opgeroepen, aldus het advies. In het NVVC-advies wordt ook ingegaan hoe om te gaan met medicatie. 

De NVVC benadrukt dat uit het onderzoek niet naar voren is gekomen dat het gebruik van een oplosbare stent het risico op overlijden verhoogt. Het vermoeden dat de oplosbare stent vaker aanleiding geeft tot stolselvorming bestond al eerder. De resultaten van dit onderzoek bevestigen het vermoeden. Ze zijn op 30 maart 2017 naar buiten gekomen en gepubliceerd in The New England Journal of Medicine. 

Het AMC heeft hierover bericht op haar website

 

Het volledige advies van de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC) aan alle cardiologen omvat het volgende: 

  1. Alle patiënten die in de afgelopen 18 maanden bij de dotterbehandeling een oplosbare stent hebben gekregen, moeten worden opgeroepen om na te gaan of zij nog een tweetal bloedverdunners gebruiken. In dat geval wordt hen geadviseerd deze twee bloedverdunners te blijven gebruiken tot 3 jaar na plaatsing van de stent om daarmee het risico op acute stolselvorming in de stent te verkleinen. Uitzondering kan worden gemaakt bij patiënten met een hoger dan normaal risico op bloedingen.

  2. Alle patiënten, langer dan 18 maanden na plaatsing van een oplosbare stent en inmiddels weer behandeld met maar één bloedverdunner, hoeven niet persé weer opnieuw twee bloedverdunners voorgeschreven te krijgen. Een en ander hangt af van individuele factoren zoals de neiging tot stolselvorming of bloedingen. Deze patiënten doen er goed aan om met hun cardioloog te overleggen welke keuze gemaakt moet worden.

  3. De voorkeur lijkt dus steeds meer te gaan naar het gebruik van een metalen stent ondanks de potentiële voordelen van de oplosbare stent. Wanneer echter een cardioloog op grond van goede argumenten of in het kader van wetenschappelijk onderzoek besluit tot het plaatsen van een oplosbare stent dient deze vooraf de patiënt te informeren en voor te lichten over de verhoogde kans op stolselvorming en over de noodzaak gedurende een termijn van 3 jaar na plaatsing twee bloedverdunners te gebruiken.

Inloggen

Beleidsplan NVVC 2015-202
NVVC! Connect
Holland Heart House