“Meer vrouwelijke aandacht voor het vrouwenhart nodig”

    Een vrouw in een mannenberoep
    Stoer en kordaat. Zo zag ik het vak van cardiologie toen ik eraan begon. Het was echt een mannenvak. Dat maakte het niet altijd gemakkelijk. En eerlijkheidshalve: dat is het nog steeds niet. Op sommige plaatsen is de machocultuur nog niet helemaal uitgestorven, maar het is nu wel anders dan vroeger. De jonge generatie kijkt anders aan tegen het beroep van arts. Het is voor jonge vrouwelijke collega’s makkelijker dan in mijn tijd. Die verandering zet zich verder door. Een goede dokter is meer dan iemand die goed technisch handelt, veel weet en dat vooral zelf ook vindt.

    Gepassioneerd door de vrouw als patiënt
    De aantrekkingskracht van het vakgebied is nooit verloren gegaan. De cardiologie is sterk in beweging. Er zijn veel ontwikkelingen die een grote toegevoegde waarde hebben voor een gezond leven en voor een goede manier van ouder worden. Gaandeweg ben ik meer en meer gepassioneerd geraakt door de vrouwelijke hartpatiënt. Alleen fysiek al zijn er grote verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke hartpatiënten.

    Uitdaging en frustratie
    Voor mij ligt de dagelijkse uitdaging van het werk dan ook heel dicht bij de frustratie. Ik wil de zorg voor vrouwelijke hartpatiënten verbeteren, omdat er echt fundamentele verschillen zijn. Jarenlang zijn vrouwen echter langs de mannelijke meetlat gelegd. Dat klopt niet. Daarmee doe je de helft van de populatie tekort.

    Oproep aan jonge artsen
    Nu ik de kans krijg, wil ik een oproep doen aan vrouwelijke artsen: ga vooral de cardiologie in. Het vak heeft jullie nodig. Veranderen van een beroepscultuur kan alleen van binnenuit. De ingeslagen weg met aandacht voor vrouwelijke artsen én patiënten moet verder gevolgd worden. Ten behoeve van onze patiënten en onszelf is meer vrouwelijke aandacht voor het vrouwenhart gewenst.

    De keerzijde van het mooie werk
    Het doen van avond-, nacht- en weekenddiensten vind ik nog steeds zwaar. Het moet uiteraard. Een hart dat problemen vertoont, laat zich niet de les lezen door de klok. Patiënten moeten erop aankunnen dat je als het nodig is, snel beschikbaar bent. En dus hoort het er bij. Maar het komt er wel bij, terwijl de werkdruk overdag ook al heel hoog is.

    Dierbare herinneringen?
    Of ik dierbare herinneringen heb? Teveel om op te noemen! Er zijn zoveel dankbare mensen. Het doet ontzettend goed om te merken dat je voor mensen veel kunt betekenen. Als ik er dan toch één moet noemen, denk ik meteen aan de weduwe van een patiënt die mijn trouwjurk heeft gemaakt. Dat vergeet je natuurlijk nooit.

    Angela Maas (1956)

    Radboudumc Nijmegen

    hoogleraar cardiologie voor vrouwen

    arts in 1981, cardioloog in 1988

    gehuwd, 2 volwassen kinderen

    hobby’s: kunst verzamelen, muziek en literatuur